paik potpourri

‘Je ziet het pas als je het doorhebt.’  Na vijf minuten in het heropende Stedelijk realiseren we ons pas goed hoezeer we het gemist hebben: een échte tentoonstelling met échte kunst, niet op een computerscherm maar in een écht museum. En dat terwijl de tentoonstelling in kwestie in niet geringe mate vooruit kijkt naar de digitale communicatiemogelijkheden in de geglobaliseerde wereld waarin wij nu leven. The Future Is Now is dan ook de perfecte titel voor een Nam June Paik-retrospectief. Het Stedelijk blijkt uitstekend voorbereid op openstelling in tijden van corona: overal pijlen, éénrichtingsverkeer en per zaal een maximaal aantal bezoekers. Gelukkig went dat snel. Daarnaast zorgt het ervoor dat alles goed en geconcentreerd valt te bekijken, zonder dat er iemand voor je snufferd loopt.

De tentoonstelling begint met Paiks TV-Buddha (1974), een boeddha-beeld dat via een gesloten TV-circuit naar een beeltenis van zichzelf zit te staren. Zen meets technologie in een continue loop: ‘interpassieve’ kunst pur sang. In een fraai artikel beschrijft Volkskrant-kunstrecensente Anna van Leeuwen hoe zij dit werk na drie maanden lockdown ervaart als een monument voor de thuisblijver die via een schermpje zicht probeert te houden op de rest van de wereld maar vooral de eigen eenzaamheid weerspiegeld ziet. Ons valt op dat de boeddha zich keurig aan de regels van het RIVM lijkt te houden: de afstand tot zijn evenbeeld bedraagt anderhalve meter.

De Koreaan Nam June Paik (1932-2006) wist Oosterse spiritualiteit en Westerse technologie samen te brengen in videokunst, video-installaties en performances. Werken met ‘Zen’ in de titel doen wat ze beloven en vertonen een tot nadenken stemmend minimalisme. Dat moge allemaal best serieus klinken en dat ís het ook, maar de tentoonstelling laat ook duidelijk de humorkant van Paik zien. De installatie Zen on Film (1965) verwijst naar de beroemde ‘stilte-compositie’ 4’33” van John Cage en bestaat uit een blanco filmrol die wordt afgespeeld: we zien enkel de stofjes, krasjes en vlekjes die de jaren op het celluloid hebben achtergelaten. Maar naast de projector ligt de verpakking van de film; een doosje met daarop een foto van een hele crew: regisseur, cameraman, gaffer, licht- en geluidstechnici etc.

Paik stond tevens aan de wieg van wat we tegenwoordig interactieve kunst noemen. Schallplatten Schaschlik (1963) bestaat uit een ouderwetse radio die dienst doet als versterker annex sokkel van een ‘pickup’ bestaande uit twee draaiende assen, waar niet shoarmavlees maar een aantal elpees en singeltjes op zit gespietst. In pre-coronatijden kon de bezoeker de los aan een draadje hangende (!) pickup-arm ter hand nemen en op willekeurige plekken op het vinyl houden, zodat steeds een ander fragment klonk. Een paar jaar later zette Paik hele zalen vol geprepareerde piano’s en andere instrumenten die bezoekers zelf mochten bespelen/te lijf gaan, wat tot veel plezier leidde, alsmede een hoop vraagtekens. De commentaarstem bij een Duitse documentaire uit die tijd zegt het zo: “Es war eine Demonstration, aber bisher weiss keiner wofür, für wen, weswegen und warum… oder warum eigentlich nicht.”

Foto bovenaan: TV-Garden (1974-1977) | Foto’s onder: TV-Buddha (1974) en Uncle (1986) | Foto’s copyright Stedelijk Museum Amsterdam