moedercomplex

Een wat oudere man woont met zijn jonge vrouw in een afgelegen landhuis. Plots staat er een vreemde vent voor de deur, niet veel later gevolgd door zijn echtgenote. De nieuwkomers doen alsof ze thuis zijn of beter gezegd: ze maken er een zootje van. Steeds meer volk komt binnenlopen. De man des huizes vindt het allemaal best, zijn vrouw wordt steeds wanhopiger. Het huis wordt uiteindelijk overgenomen door een gigantische mensenmassa en volledig gesloopt, en en passant wordt een baby opgepeuzeld. Dit is zo ongeveer de verhaallijn van de film mother! van regisseur Darren Aronofsky, momenteel te zien in Neêrlands bioscopen. Dat verhaal is een allegorie: alles staat symbool voor iets anders. Niet voor een verstoorde vrouwelijke hormoonhuishouding (al had dat best ook gekund) maar voor bijbelse gebeurtenissen als de Schepping, de Zondvloed, de Kruisiging en tenslotte de Apocalyps – en tevens voor hoe wij mensen Moeder Aarde uitwonen. Een overdaad aan betekenis en symboliek maakt echter niet automatisch een goeie film. Integendeel: mother! is juist vanwege die vele laagjes en lagen (het gaat ook nog over roem en opdringerige fancultuur) een knap vermoeiende zit. Aronofsky noemt het zelf een ‘punkfilm’ maar zijn geesteskind zit dichter bij die symfonische rock-epossen uit de jaren ’70 met hun virtuoze, technisch knappe, eveneens op sprookjes gebaseerde holle bombast. Genesis, kom er maar in!